TRAMLIJN ENSCHEDE GLANERBRUG 1908-1933

Stichting Cultureel Erfgoed Enschede

Hét kennis en informatieplatform voor gemeentelijke en Rijks monumenten in Enschede.

Zoeken

De Klomp omstreeks 1920

De NV Twentsche Electrische Tramweg Maatschappij of TET werd op 2 februari 1904 in Enschede opgericht, met als doel tramwegen tussen Enschede en Almelo en Gronau (D) aan te leggen en te exploiteren. Later exploiteerde de maatschappij tot 1997 busdiensten in Twente in Overijssel.

Van de plannen naar Almelo en Gronau kwam weinig terecht. Uiteindelijk werd alleen de elektrische tramlijn Enschede – Glanerbrug aangelegd. Deze lijn had een spoorwijdte van 1 meter (meterspoor), was 7,5 kilometer lang en werd op 4 juli 1908 geopend.

 

Het wagenpark was beperkt. Er werden zeven trammotorwagens in dienst gesteld, die gebouwd waren door Pennock in Den Haag. Een jaar later volgden nog twee motorwagens van Allan Rotterdam. Als bijwagens fungeerden vijf rijtuigen, afkomstig van de Haagse paardentram. Twee bijwagens werden in 1915 nieuw geleverd door Nordwaggon te Bremen. Naast het reizigersvervoer was er ook beperkt goederenvervoer. Daarvoor had Pennock in 1908 twee goederenwagens geleverd. Zij konden achter de personentrams worden gekoppeld.

De tramlijn kende aan aantal kruissporen waar de trams elkaar konden passeren. Deze wissels waren gelegen op het Stationsplein (bij het oude Staatsspoorstation Enschede) en in de Marthalaan. Het tracé Station/Volkspark tot en met de Marthalaan behoorde tot de stadsdienst en werd om de tien minuten bediend. De dienst naar Glanerbrug was een halfuursdienst. In het begin werd het Stationsplein nog door alle trams aangedaan, maar als een bijwagen werd getrokken konden de trams de heuvel naar het station met zeer veel moeite bereiken. Daarom werden de sporen door de parkweg gelegd.

 

De verbinding was een uitkomst voor het grensdorp Glanerbrug. In de eerste jaren was er dan ook veel vervoer. Na het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog in 1914 - en daarmee de sluiting van de grens - daalde het personenvervoer. In 1918 werden nog wel plannen gemaakt voor een tramaansluiting in geheel oostelijk Overijssel. Ook kregen de nieuw aangelegde singels (jaren twintig) in Enschede gescheiden rijbanen, zodat de tram hier in de middenberm zou kunnen rijden. De sporen werden echter nooit gelegd.

Toen in 1928 de rijksweg tussen Enschede en Glanerbrug verbreed moest worden, moest de tramlijn aan de andere kant van de bomenrij worden herlegd. Die klus kon de TET niet betalen. In 1933 trokken de gemeentebesturen van Lonneker en Enschede, als aandeelhouders van de TET, de stekker uit de tramlijn.

Bron: Wikipedia.

 

Dienstregeling tram

Diner ter gelegenheid van de opening van de tramlijn op 4 juli 1908. Aangeboden door de gemeente Enschede - Lonneker.

Tram in aantocht Gronausestraat Glanerbrug Eindstation tram klooster Glanerbrug Personeel van de tram bij de remise

Diep verscholen in een eikenbos nabij de rivier de Dinkel staat deze oude Enschedese tram. Ruim 80 jaar is de tram gebruikt als zomerhuisje. De tram is destijds door de eigenaar voorzien van een golfplaten dak. Het interieur van de tram is nog opvallend in takt en op het dak van de tram bevinden zich nog de stroomgeleiders. Op dit moment [2015] zijn er onderhandelingen gaande met de eigenaar, de gemeente Loseer en de gemeente Enschede om de tram weer in de originele staat te herstellen. Of dat daadwerkelijk gaat lukken is onder andere afhhankelijk of de fianciele middelen bijeen gebracht kunnen worden voor de aankoop, het vervoer en de restauratie van de tram.

Ook de Landelijke Tramweg Stichting heeft belangstelling voor de aankoop van de tram.

Op verschillende buitengevels van woningen op de route Enschede Glanerbrug zijn nog fraaie ankers achtergebleven die dienst deden om de bovenspanningsleidingen te bevestigen boven de tramlijn. Bovenstaand muuranker is te bewonderen aan een woonhuis aan de Espoortstraat.

Stichting Cultureel Erfgoed Enschede.

Hét kennis en informatieplatform voor gemeentelijke en Rijks monumenten in Enschede.